|
Nederland |
Mens & Dier in Steen & Brons |
Zoek op deze site:
|
|
Stavoren gem. Súdwest Fryslân (Friesland) Havenweg |
De Vrouwe van StavorenRijke koopmansweduwe in Stavoren, waarover een bekende sage vertelt.(Wikipedia) |
Pier Arjen de Groot
1969 |
 
de vrouwe |
Op de sokkel zijn verder vijf borden aangebracht met de sage van de Vrouwe van Stavoren in het Frans, Nederlands, Fries, Duits en Engels. De Nederlandse tekst is als volgt:
De sage van Stavoren is de oudste en was weleer de grootste en rijkste stad van Friesland; een machtige koopmansstad, waar ook de Friese koningen hun verblijf hielden. De inwoners waren uitstekende zeelieden. Toen stegen de weelde en pracht er ten top. Men sprak van de verwende kinderen van Stavoren Maar na de dertiende eeuw begon de rijkdom af te nemen. De Noordzee had de kustlanden doorbroken; de Zuiderzee met nieuwe stroomgebieden was ontstaan. De watervloeden hebben het grootste deel van het eigenlijke oude Stavoren met het vermaarde klooster van Sint Odulf vernield. Aan deze ondergang van de middeleeuwse roem is de volgende sage verbonden: Er woonde te Stavoren een rijke koopmansweduwe, die in haar overmoed de kapitein van één van haar koggen opdracht gaf, uit buitenlandse havens het kostbaarste te halen dat hij kon vinden. Toen hij na vele omzwervingen Dantzig aandeed, ontdekte hij ergens in een pakhuis de mooiste tarwe die hij ooit had gezien, en dus viel hierop uiteindelijk zijn keuze. Hij laadde de tarwe in zijn schip en voer naar huis terug ervan overtuigd dat hij inderdaad het kostbaarste ter wereld in het ruim had. Maar hoe zou hij worden teleurgesteld! De rijke weduwe was buiten zichzelf van woede, toen zij had gehoord dat haar schip in plaats van met het kostbaarste, met een lading tarwe was teruggekeerd. 'Aan welke zijde heb je de lading ontvangen?' vroeg zij de kapitein. 'Aan bakboordzijde', antwoordde de kapitein. 'Welnu', gebood zij, 'stort het dan aan stuurboordzijde in zee'. De kapitein deed wat hem bevolen was. Een oude man uit het volk, die vlak bij haar stond, greep deze verkwisting zozeer aan, dat hij haar opgewonden toeriep: 'U zult voor Uw overmoed gestraft worden! Er komt nog een tijd, dat U zult gaan bedelen!' Onverstoord draaide zij zich om, nam een gouden ring van haar vinger, gooide deze vervolgens in de golven en zei: 'Zomin deze ring uit de zee terugkeert, zomin zal ik tot de bedelstaf vervallen'. Korte tijd na die gedenkwaardige dag vond de dienstmeid van de weduwe de ring terug in de ingewanden van een schelvis, die zij voor het middagmaal klaarmaakte. Zij liet de ring aan haar meesteres zien en deze schrok hevig, toen ze de ring als de hare herkende. Enkele dagen later bereikte haar het ontstellende bericht, dat al haar schepen op de terugreis met man en muis waren vergaan... Nooit meer kwam zij deze slag te boven. En zo kwam de voorspelling uit; de eens zo rijke koopmansvrouw verviel tot de bedelstaf. Daar waar de kostbare lading in zee was gestort, verrees een zandbank, die nog steeds het Vrouwenzand wordt genoemd. Naar men zegt heeft op deze bank ooit een plant gegroeid, die halmen voortbracht, die op korenaren leken, maar nooit heeft men korrels in de aren gevonden. |
Hier kan ook uw banner staan. Klik hier voor meer informatie.